Ervaring, deskundigheid en onafhankelijkheid zijn niet hetzelfde. Toch worden ze bij de benoeming van commissarissen regelmatig als vanzelfsprekend met elkaar verbonden.
Een succesvolle bestuurder, ondernemer of ervaren professional beschikt over waardevolle kennis. Maar toezichthouden is een ander vak dan leidinggeven. Het vraagt om het vermogen afstand te nemen, kritische vragen te stellen, risico's te doorgronden en besluiten te beoordelen zonder zelf op de stoel van de directie te gaan zitten.
Vooral bij staatsbedrijven en semistaatsbedrijven is die verantwoordelijkheid bijzonder groot. Commissarissen bewaken niet alleen de continuïteit en prestaties van de onderneming, maar opereren ook in een omgeving waarin publieke belangen, politieke verwachtingen en zakelijke doelstellingen elkaar kunnen raken.
Van vertrouwen naar aantoonbare deskundigheid
Een benoeming is een uiting van vertrouwen. Maar vertrouwen alleen is onvoldoende om goed toezicht te waarborgen.
Kan een commissaris een jaarrekening kritisch beoordelen? Herkent hij de financiële en operationele risico's van een strategisch besluit? Weet hij wanneer hij moet ingrijpen en wanneer juist afstand moet worden gehouden?
En misschien nog belangrijker: durft hij een ongemakkelijke vraag te stellen wanneer iedereen aan tafel het al met elkaar eens lijkt te zijn?
Het zijn geen theoretische vragen. Ze raken direct aan de kwaliteit van besluitvorming, het voorkomen van bestuurlijke fouten en het vertrouwen van medewerkers, aandeelhouders, investeerders en de samenleving.
Professionalisering is geen teken van zwakte
In veel beroepsgroepen is voortdurende ontwikkeling vanzelfsprekend. Van accountants en juristen tot medische professionals wordt verwacht dat zij hun kennis onderhouden en nieuwe ontwikkelingen volgen.
Waarom zou dat voor commissarissen anders zijn?
De wereld waarin organisaties opereren verandert snel. Digitalisering, cybersecurity, internationale compliance-eisen, duurzaamheid en toenemende maatschappelijke verwachtingen stellen andere eisen aan toezichthouders dan tien jaar geleden.
Een ervaren commissaris hoeft niet alles zelf te weten. Maar hij moet wel voldoende begrijpen om de juiste vragen te stellen, informatie kritisch te beoordelen en tijdig deskundigheid in te schakelen.
Van functie naar verantwoordelijkheid
Governance Suriname pleit voor een benadering waarin niet uitsluitend de benoeming centraal staat, maar vooral de aantoonbare bekwaamheid en het functioneren van toezichthouders.
Dat vraagt om duidelijke competentieprofielen, gerichte opleidingen, periodieke evaluaties en de bereidheid om elkaar aan te spreken op kwaliteit.
Daarbij gaat het niet om het verzamelen van certificaten. Een certificaat is geen garantie voor goed toezicht. Het is wel een belangrijke stap in een proces van professionele ontwikkeling.
De centrale vraag is daarom niet alleen wie geschikt is om commissaris te worden, maar ook hoe we ervoor zorgen dat iemand geschikt blijft.
Want uiteindelijk wordt de kwaliteit van toezicht niet bepaald door de titel die iemand draagt, maar door de verantwoordelijkheid die hij daadwerkelijk waarmaakt.
Governance Suriname ondersteunt de professionalisering van bestuur en toezicht met opleidingen, certificering, Governance-scans en Board Reviews